Dahlia's in de schijnwerpers



Dahlia’s zullen u in september zeker niet ontgaan. In talrijke kleuren en vormen zorgen ze voor opvallende en fleurige accenten tussen al het uitgebloeide groen in de tuin. Het is één van die prachtige nazomerbloeiende planten, die zich bijna onmisbaar maakt door haar lange, uitbundige bloei en overweldigende kleurenpracht.

Al ruim 150 jaar is er veel belangstelling voor de dahlia. Deze prachtige plant maakt deel uit van de Composietenfamilie, ook wel samengesteldbloemige genoemd. De oorspronkelijke dahlia's zijn eigenlijk maar kale, doorlevende planten met langwerpige knolachtige wortels. Van origine komt ze uit Mexico, waar de Azteken haar ‘Cocoxchitl’ noemden en als veevoer gebruikten.

De Zweedse botanicus Anders Dahl wist in 1789 een aantal knollen te bemachtigen en produceerde uiteindelijk enkele cultivars. De westerse naam voor deze plant was een logisch gevolg: dahlia. Ten bate van tentoonstellingen werd de bloem door de jaren heen herhaaldelijk veredeld. En zo zijn de diverse hybriden zijn ontstaan, zoals wij die kennen:

  • Enkelbloemig: enkele bloemen met platte bloemblaadjes.
  • Anemoonbloemig: volledig dubbele bloemen met tot buisjes opgerolde bloemblaadjes in het hart. Vaak zijn ze tweekleurig.
  • Halskraag: de bloemen hebben een kraag van kleine bloemblaadjes rond het hart.
  • Waterlelie: volle bloemhoofdjes met brede, platte bloemblaadjes.
  • Decoratief: de grootste soort. Ze hebben volledig dubbele bloemen, waarvan de bloemblaadjes naar binnen wijzen.
  • Bal: ronde bloemen met spiraalsgewijs geplaatste bloemblaadjes.
  • Pompon: kogelvormige bloemhoofdjes van circa vijf centimeter doorsnede met naar binnen gerolde bloemblaadjes.
  • Cactus: volledig dubbele bloemen, waarvan de bloemblaadjes stekelachtig zijn.
  • Semi-cactus: volledig dubbele bloemen met puntige bloemblaadjes.
  • Overig: zoals orchideebloemig, sterbloemig of pioenbloemig.

    Voortrekken in potten
    Dahlia’s kunt u in mei buiten planten of vanaf februari in potten voortrekken. In warmere klimaten (waar het niet vriest) kunnen dahlia's zelfs in de nazomer worden geplant, zodat ze in de winter bloeien.

    Oprooien voor de eerste vorst

    De plant is niet winterhard. Daarom kunt u de knollen het beste oprooien vóór de eerste vorst. Als u in een mild klimaat woont, kunt u besluiten uw knollen ‘s winters toch in de grond te laten. Houdt daar dan wel rekening mee bij het planten. Normaal doet u dat zo’n 15 tot 23 centimeter diep. Laat u ze echter overwinteren, houdt dan het dubbele aan!

    Eigenlijk is het zonde om de dahlia's voor de eerste vorst te rooien, want ze nemen in de herfst het meest in omvang en gewicht toe. Te vroeg oprooien verkort het groeiseizoen en gaat ten koste van zowel de gezondheid, als de grootte van de plant voor het volgende jaar. In een klimaat waarbij ‘s winters de kans op temperaturen onder de -5°C groot is, rooit u de knollen daarom het liefst ná de eerste nachtvorst op.

    Voor u ze voorzichtig opspit, snijdt u de stengels circa 15 centimeter boven de grond af. Schut vervolgens het meeste aarde eraf en zet ze op hun kop. Doordat het meeste vocht op deze manier uit de holle stengels loopt, drogen de knollen enigszins. Wees voorzichtig tijdens het rooien. Kwets ze niet!

    Leg, als u de dahlia's in de grond laat, er dan een flinke laag stro of grof verteerde compost overheen!

    Bewaren

    Bewaar de opgedroogde knollen koel, vorstvrij, donker en droog. Doe ze bijvoorbeeld in een kistje of een flinke pot, waarin u ze afdekt met potgrond, zand of zaagsel. Houdt wel in de gaten dat ze niet uitdrogen! Anders de knollen even vochtig maken.
    Let er wel op dat u ze niet in een te warme ruimte legt, want dan verschrompelen de knollen en worden ze waardeloos!

    Zorg geeft bloei

    Dahlia’s staan bekend om hun uitbundige bloei. Van midzomer tot aan de vorstperiode kunt u genieten van prachtige vormen en stralende kleuren. Daarvoor dient u wel met een aantal factoren rekening te houden. Dahlia’s zijn ‘hongerige’ planten. Ze krijgen graag veel zon en tijdens de bloei voldoende water. Daarnaast prefereren ze een vruchtbare, waterdoorlatende grond.

    Start in het najaar met de voorbereidingen van de grond. Voeg veel organisch materiaal aan de grond toe. Dit zal bijdragen aan de vochtvoorziening. Bewerk de grond daarbij tot op circa dertig centimeter diepte.

    Naarmate de planten groter groeien, hebben ze steun nodig. Dit kunt u ze geven met wat stokken en een touw.

    Enorme keus

    Al eerder hadden we het over de vele variëteiten van dahlia’s. Maar ook de keus in kleur is niet gering! Van wit met verschillende tinten groen, geel, oranje en roze tot lila, paars en donkerrood. Tweekleurige dahlia’s kunnen zich ook nog eens onderscheiden in twee typen: de ‘blends’, waarbij de twee kleuren in elkaar overlopen, en de ‘bicolor’. Bij deze laatstgenoemde zijn de kleuren volledig gescheiden. Met zoveel variatie kunt u prachtige combinaties maken!

    In de vaas

    Meerdere typen en variëteiten zijn zeer geschikt als snijbloem. Zet de bloemen diep in het water. Pas daarbij op dat er geen bladeren in dit water staan. Vergeet u niet wat snijbloemenvoedsel toe te voegen! Zo houdt u uw dahlia’s langer mooi!