Bollen verzorgen na de bloei

Bollen verzorgen na de bloei

Bloembollen verzorgen begint direct na de bloei. Na de bloei start in alle bloembollen het proces om voedingsstoffen aan te maken voor nieuwe bloei in een volgend jaar. Om die reden worden in de bollenvelden de tulpen gekopt. Hierbij wordt de bloem in een vroegtijdig stadium weggesneden zodat alle voedingsstoffen in de bloembollen blijven en niet worden gebruikt voor zaadvorming.

Bloembollen verzorgen na de bloei in de tuin

Als je de bloembollen het volgende seizoen weer wilt planten is het belangrijk dat je het loof van de voorjaarsbloeiende bolgewassen, zoals tulpen, narcissen en hyacinten, laat afsterven. De bloembollen nemen na de bloeiperiode namelijk voeding op uit het blad. Deze voedingsstoffen zijn noodzakelijk voor de bloembollen om het volgende jaar weer te kunnen groeien en bloeien. Stengels en bladeren kunnen, nadat ze helemaal verdroogd en vergeeld zijn, weggehaald worden. Je kan natuurlijk ook na de bloei de bollen uit de tuin halen en het volgende jaar weer nieuwe kopen.

Bloembollen laten verwilderen

In een grasveld, brede border en tussen andere planten kunnen sommige bloembollen verwilderen. Kies voor het verwilderen van bloembollen en planten een goede plek zodat deze speciale bloembollen vrij kunnen vermeerderen. De natuur doet dan verder zijn werk. Zorg er als eerste voor dat verwilderingsbollen een rustige plek hebben waar ze optimaal kunnen vermeerderen. Laat de bloembollen speciaal voor verwildering na de bloei met rust. De gele bladeren aan de plant kan je laten zitten zodat ze kunnen afsterven.

Verwilderen in gras - verwilderingsbollen zijn zeer geschikt voor het verwilderen in grasvelden. Let er dan wel op dat het gras pas gemaaid mag worden als het deel van de bloembol boven de grond geheel is afgestorven. Dit duurt nog 6 tot 8 weken na de bloei van de bol. Voor het planten in gras raden wij dan ook aan om zogenaamde vroegbloeiende bloembollen te planten, zodat het maaien van het gras zo min mogelijk in de weg zit. Bollen die het beste geschikt zijn voor het planten in gras zijn: sneeuwklokjes, krokus, Chionodoxa, Scilla siberica en vroegbloeiende narcissen.

Bekijk ons gehele assortiment speciale verwilderingsbollen.

Bloembollen laten verwilderen

Let op! Niet alle bloembollen zijn geschikt om te laten verwilderen. Tulpen zijn bijvoorbeeld gevoelig voor ziekten en de zomerbloeiende gladiolen zijn niet bestand tegen vorst. Als je het volgende jaar toch van dezelfde bollen wilt blijven genieten, kunnen bloembollen ook bewaard worden.

Bloembollen verzorgen - bemesten

Verwilderingsbollen hebben na de bloei wat extra voeding nodig in de vorm van mest. Hiervoor is speciale biologische bloembollen mest te koop. In deze speciale mest zit exact de juiste hoeveelheid aan organische voedingsstoffen die zorgen voor een rijke bloei en sterke planten. Lees altijd het etiket op de verpakking van de meststof aandachtig en overschrijdt de hoeveelheden aangegeven op de verpakking niet.

Bloembollen verzorgen - rooien en bewaren

Belangrijk bij het bloembollen verzorgen is het bewaren van bloembollen. Knip direct de verwelkte bloemen na de bloei weg. Door het afknippen van de bloemen zorg je ervoor dat de bloembol geen energie stopt in het maken van zaadknoppen maar in het sterker maken van de bloembol zelf. Door ook nog wat extra meststof te geven krijg je extra sterke bloembollen voor als je ze het volgende jaar weer wilt planten.

  • Bloembollen rooien

Op het moment dat het blad en de steel volledig afgestorven zijn, kunnen de bloembollen uit de grond gehaald worden. Dit wordt ook wel het rooien van bloembollen genoemd. Na het rooien is het goed om de meeste aarde er af te halen. Bewaar de bloembollen goed droog omdat de bloembollen anders snel gaan rotten. Was de bloembollen niet voor het bewaren.

  • Bloembollen bewaren

De gerooide bollen en de broedbolletjes* kunnen het beste in een kartonnen doos (of gaasbak) bewaard worden. Leg de bloembollen laag voor laag in de doos met tussen elke laag een krant. Bewaar de dozen met alle bloembollen op een droge en koele plek zoals een kelder.

*Broedbolletjes

Bloembollen vermeerderen zich door kleine bloembolletjes aan de onderkant. Deze kleine bolletjes worden broedbolletjes genoemd. Haal de broedbolletjes na het rooien van de bloembol af. Haal ook het oude velletje en de wortels van de bloembollen af. Dit wordt ook wel bloembollen pellen genoemd. Broedbolletjes kunnen, net als de volwassen bloembollen worden bewaard. Plant ze het volgende jaar mee en na een paar jaar zullen ze ook prachtig bloeien.

Bloembollen bewaren

Bloembollen planten na het rooien

Na het bloembollen verzorgen na de bloei, kunnen in het najaar de voorjaarsbloeiende bloembollen weer terug de grond in. Zomerbloeiende bloembollen plant je dan weer in de lente. Tip: plant bloembollen op een andere plek dan waar je ze het voorgaande jaar heeft gepland. Als je ze weer op dezelfde plek zet, kan er voedingstekort optreden. Niet-gecultiveerde bolgewassen kunnen verwilderen en dus in de grond, op dezelfde plek, blijven zitten. Onder niet-gecultiveerde bolgewassen vallen bolgewassen zoals de meeste krokussen en narcissen.

  • Zorg dat de bloembollen diep genoeg geplant worden, anders kunnen ze droog komen te staan. Plant bloembollen twee- tot driemaal zo diep als de bloembol hoog is. Dus een bloembol met een hoogte van 5 cm moet minimaal 10, maar liefst 15 cm diep geplant worden.

  • Verspreid, voor het mooiste effect, de bloembollen in groepjes in de tuin.

  • Bij kleine bloembolletjes is de boven- of onderkant bij het planten niet zo van belang, maar grotere bloembollen, die een duidelijke bovenkant (puntje) en wortelaanzet hebben moeten met de wortels naar beneden en het puntje naar boven worden geplant.

  • Water is belangrijk voor de ontwikkeling van het wortelstelsel van de bloembol. Houd de vochttoestand van de grond dus goed in de gaten. Regent het niet binnen een paar dagen na het planten van de bloembollen? Geef dan een keer extra water.


Bloembollen kopen?
 Bekijk ons uitgebreide assortiment met de allermooiste bloembollen!